Verzorging

Er is veel heel over de verzorging van de tracheastoma/-canule te vertellen. Uw ziekenhuis behoort u hierover uitgebreid te informeren. Vaak zijn er (langdurige) opleidingsplannen. Op deze pagina leest u algemene informatie over vaak terugkerende verzorgingsaspecten.

Bevochtiging
De tracheacanule vervangt de normale ademweg, die via de neus en de keelholte loopt. De functie van onder andere het neusslijmvlies, zoals het zuiveren en bevochtigen van de ingeademde lucht is daarmee weggenomen. Door deze open verbinding zou er eerder een luchtweginfectie kunnen optreden en kan de trachea- canule verstopt raken doordat het sputum (slijm) indroogt. Om deze en andere complicaties te voorkomen wordt gebruik gemaakt van een zogenaamde bevochtigingsfilter (= kunstneus).



Een bevochtigingsfilter is een plastic dopje met daarin een papieren membraan. Het dopje past precies op de tracheacanule. Het papieren membraan wordt door de lucht die wordt uitgeademd bevochtigd, op deze manier wordt de ingeademde lucht ook weer wat bevochtigd. De kunstneus dient regelmatig vervangen te worden. Als het kind namelijk hoest kan het sputum op het papieren membraan komen en zo de ademhaling bemoeilijken. Het is derhalve moeilijk aan te geven hoe vaak u de kunstneus dient te verschonen.

Als uw kind gaat omdraaien, kruipen en of lopen. Bestaat de mogelijkheid dat hij op de kunstneus valt en met als gevolg dat deze klem komt te zitten op de tracheacanule. U zult dan de tracheacanule moeten verwisselen.

Soms is het nodig dat de tracheacanule met speciaal water bevochtigd wordt.

Tracheacanulebandje
De tracheacanule wordt op zijn plaats gehouden door het tracheacanulebandje. Het bandje wordt 1 of meerdere malen per dag verschoond. Bij baby's wordt het bandje liggend verschoond, bij wat oudere kinderen kan het ook zittend gebeuren. Vaak hebben kinderen een bepaalde voorkeurshouding.

Hieronder ziet u hoe het bandje aan de canule vast zit:



Metalline gaas
De huid rondom het tracheostoma wordt beschermd door het metalline gaas. Dit gaas bestaat uit twee laagjes; een laag Engels pluksel (witte kant) en een laagje aluminium (grijze kant). Het aluminium laagje komt tegen de huid aan. Dit metalline gaas wordt minimaal 2 maal daags verschoond, zonodig vaker bijvoorbeeld bij veel sputumproduktie langs het tracheostoma.



Het verschonen van het bandje en het metalline gaas wordt meestal niet erg vervelend gevonden. Wel wordt er aan de canule gezeten en dit heeft tot gevolg dat uw kind kan gaan hoesten, meer sputum produceert en zich hierdoor wat benauwd gaat voelen. Door het kind met speelgoed af te leiden, kan de handeling voor het kind soepeler verlopen.

Het uitzuigen van een tracheacanule
Een kind met een tracheacanule heeft altijd sputumproductie. Doordat het kind niet of onvoldoende kan ophoesten, bestaat het gevaar dat het sputum de tracheacanule verstopt en zodoende de ademweg afsluit, waardoor het kind kan stikken. Daarom wordt de tracheacanule uitgezogen met behulp van een (al dan niet mobiele) uitzuigkoffer. Wanneer er veel sputumproductie is bijv. als het kind actief bezig is of huilt, moet het uitzuigen vaker gebeuren. Men kan horen wanneer dit nodig is. Er komt een "pruttelend" geluid uit de tracheacanule.

Omdat de tracheacanule een open verbinding vormt met de longen is er een grotere kans op infectie. Er moet dus zo schoon mogelijk gewerkt worden. Dit houdt in dat u voor dat u de tracheacanule gaat uitzuigen uw handen wast en daarna nog een keer.



Het uitzuigen moet zo snel en efficiënt mogelijk gebeuren. De ademweg is tijdens het uitzuigen gedeeltelijk afgesloten. Bovendien wordt niet alleen het sputum maar ook de lucht (=zuurstof) weggezogen. Dit kan erg benauwd zijn voor het kind.

Als het kind ziek is, is de sputumproductie meestal verhoogd.

Omdat er een grotere kans op luchtweginfecties bestaat, krijgt uw kind welllicht een antibioticum in een lage dosering voorgeschreven, die deze infecties moet trachten te voorkomen.

Het verwisselen van een kunststof tracheacanule
Een kunststof tracheacanule is disposable. Om een aantal weken wordt deze verwisseld, vanwege de houdbaarheid van de tracheacanule en om de kans op luchtweginfecties te verkleinen. Het verwisselen van de tracheacanule kan thuis door (goed opgeleide!) ouders gebeuren. Echter een kleine groep kinderen dient voor het verwisselen van de tracheacanule naar de KNO-poli te komen, waar het verwisselen onder toezicht van de KNO-arts of de thuiszorgverpleegkundige gebeurt.



Bij sommige kinderen, wanneer de canule verwisseld wordt, kan het kind tijdelijk geen adem halen. Daarom is snel en deskundig handelen bij het wisselen vereist.
Het verwisselen van de tracheacanule is voor de kinderen altijd een moment van acute benauwdheid. Vandaar dat de meeste kinderen al gaan huilen als ze zien wat er gaat gebeuren, het kind afleiden en laten kalmeren is dan een vereiste. Bij de oudere kinderen (boven de 4-5 jaar) kunt u al goed uitleggen wat u gaat doen. Zij weten dat na het uithalen van de tracheacanule en het benauwd zijn, de nieuwe canule ook snel geplaatst wordt en de benauwdheid dan weer verdwenen is.

Wanneer u thuis de tracheacanule gaat verwisselen moet u alles klaar leggen zoals u dat geleerd heeft in het ziekenhuis. Als het wisselen van de tracheacanule niet acuut behoeft te gebeuren, doe het dan bij voorkeur met 2 personen.

Het is verstandig (zo niet essentieel!) dat u beademingstechnieken leert voor het geval de tracheacanule niet terug ingebracht kan worden.